48-uursservice-nieuwsbrief-webwinkel-Perskamer
 
Trefwoord
dot
dot
Zoekenleeg
logo NICIS
home > thema's en dossiers > Welzijn & Integratie > Zorg & Welzijn > Jeugd en gezin > Beleids...
logo SKCN
Print paginaContactSitemap
-
  • actueel
  • bijeenkomsten
  • contact
  • over skcn
  • thema's en dossiers
  • aanpak
  • betrokken organisaties
  • onderzoeken
-
-
Praktijkvoorbeelden

Haagse Antilliaans...

-
-
Beleidsbrief beschrijft aanpak Antilliaanse probleemjongeren vanaf 2010
0

Inleiding
De focus van de aanpak van Antilliaanse probleemjongeren ligt de komende jaren optwee zaken: het terugdringen van de problematiek en het verspreiden van kennis en kunde bij de reguliere instellingen. Dat staat in de beleidsbrief die minister Van der Laan (Wonen, Wijken en Integratie) op 2 oktober 2009 naar de Tweede Kamer stuurde. In de brief beschrijft hij hoe het kabinet vanaf 2010 invulling zal geven aan de aanpak van Antilliaanse probleemjongeren. Gemeenten zijn de uitvoerders van de aanpak en werken hierbij samen met de Antilliaanse gemeenschap.
Probleemstelling
Hoe krijgt de aanpak van Antilliaanse probleemjongeren vorm vanaf 2010?
Beschrijving
Samenwerking
Een betere samenwerking tussen organisaties op lokaal niveau, met de Antilliaanse gemeenschap in Nederland en met de Antillen is volgens Van der Laan van cruciaal belang.    
Op lokaal niveau
De aanpak van Antilliaanse probleemjongeren krijgt vorm op lokaal niveau. Van der Laan benadrukt dat er moet worden geïnvesteerd in een goed gecoördineerde en samenhangende aanpak. Deze nadruk op samenhangend beleid markeert een nieuwe fase, waarbij de overgang gemaakt wordt van een veelheid aan activiteiten en projecten naar een meer samenhangende aanpak. Deze aanpak maakt beter gebruik van de bijdrage van reguliere instanties. De verwijsindex risicojongeren moet de samenwerking tussen alle partijen in de jeugdketen verbeteren. De jeugdketen bestaat nu uit een groot aantal instanties en professionals die te vaak langs elkaar heen werken. De verwijsindex risicojongeren brengt risicomeldingen van hulpverleners bij elkaar en informeert hulpverleners onderling over hun betrokkenheid bij jongeren.
Met de Antilliaanse gemeenschap
Naast een betere samenwerking tussen verschillende instanties is samenwerking met de Antilliaanse gemeenschap nodig. Van der Laan kondigt aan dat de overheid de Antilliaanse gemeenschap de komende jaren structureler en minder vrijblijvend zal betrekken bij de verschillende stadia van beleidsformulering en –uitvoering. Ook zegt de minister als dat nodig is, ondersteuning te bieden om de deskundigheid en het netwerk van de Antilliaanse Nederlanders of de Antilliaanse organisaties te vergroten. TOPA, de commissie die tijdens de uitvoering van de bestuurlijke arrangementen de samenwerking tussen gemeenten en Antilliaanse gemeenschap heeft ondersteund en gestimuleerd, is gevraagd een advies te schrijven over hoe de samenwerking tussen gemeenten en de Antilliaanse gemeenschap verder verbeterd kan worden.
Met de Nederlandse Antillen
Tot slot pleit de minister voor een goede samenwerking met Curaçao. De problematiek in Nederland kan volgens Van der Laan niet los worden gezien van de situatie op de Nederlandse Antillen. De problemen waar een groep Antilliaanse Nederlanders mee worstelt is gedeeltelijk meegenomen uit de Nederlandse Antillen.
Kennisverspreiding
Van der Laan stelt dat het erg belangrijk is dat de verschillende organisaties en beleidsmakers zich de specifieke aanpakken en bewezen methoden eigen maken. Door gebruik te maken van best practices kunnen zij lastige jongeren beter ondersteunen en aanpakken. Op dit moment wordt een aantal onderzoeken uitgevoerd die als input kunnen dienen voor een goede aanpak van de jongeren. Dit zijn de evaluatie van de Bestuurlijke Arrangementen, een onderzoek naar best practices, het herhalingsonderzoek naar het aantal niet in de GBA ingeschreven Antilliaanse Nederlanders en een onderzoek naar sociaal-psychologische aspecten van criminaliteit onder Antilliaans Nederlandse jongeren. De uitkomsten van deze onderzoeken zullen beschikbaar worden gesteld voor gemeenten en de Nederlandse Antillen via het Sociaal Kennisnetwerk Curaçao Nederland (SKCN).
Normalisering
Het kabinet wil uiteindelijk geen specifiek, maar alleen generiek beleid voeren. Het beleid voor bepaalde groepen bestaat er uit dat er speciaal voor Antillianen projecten, structuren en organisaties worden opgericht. Dit beleid moet in de loop van de jaren verdwijnen. Van der Laan zet er de komende jaren daarom op in om de specifieke projecten en het Antillianenbeleid steeds meer in de bestaande instanties in te bedden. In de periode van 2010 t/m 2013 zal al zoveel mogelijk geprobeerd worden om de benodigde specifieke kennis en deskundigheid bij reguliere instanties onder te brengen. Het Rijk stelt hiervoor een jaarlijkse bijdrage van € 4,5 miljoen beschikbaar. In de jaren 2014 t/m 2017 bouwt het Rijk deze extra bijdrage af.
22 Antillianengemeenten
Vanaf 2010 zullen er geen 21, maar 22 Antillianengemeenten in Nederland zijn. Arnhem is niet langer een Antillianegemeente en Hellevoetsluis en Spijkenisse zijn toegevoegd aan het rijtje.
Financiering
Van 2010 tot en met 2013 stelt het Rijk jaarlijks 4,5 miljoen euro beschikbaar voor de uitvoering van de gemeentelijke plannen. Bestuurlijk is afgesproken dat de gemeenten hetzelfde bedrag investeren. Hierdoor is jaarlijks 9 miljoen euro beschikbaar. De verdeling van de rijksmiddelen over gemeenten is dezelfde als voorgaande jaren. HZo wordt voorkomen dat opgedane kennis en ervaring binnen gemeenten verloren gaat als gevolg van een bijstelling van beschikbare middelen. Van 2014 tot en met 2017 wordt de rijksbijdrage langzaam afgebouwd.
Datum uitgave
02/10/2009
Links
Lees de brief van Minister Van der Laan aan de Tweede Kamer

Documenttype
publicatie
Thema's
Welzijn & Integratie > Zorg & Welzijn
Trefwoorden
Jeugd en gezin
 


 dot
© 2007 Nicis Institute-colofon-disclaimer-privacydotRSS feed