48-uursservice-nieuwsbrief-webwinkel-Perskamer
 
Trefwoord
dot
dot
Zoekenleeg
logo NICIS
home > thema's en dossiers > Onderwijs > Mentoring > ‘Jongeren krijgen soms liever beg...
logo NICIS
Print paginaContactSitemap
-
  • thema's en dossiers
  • actueel
  • bijeenkomsten
  • parels van integratie
  • kennisprogramma's
  • contact
  • over KIEM
-
-
-
Praktijkvoorbeelden

HBO-studenten coac...VMBO GedaanKoes koes met appe...meer
BriljantjesNaar een zelfstand...Allochtone starten...Opvang jonge Antil...Marokkaanse coache...Mentoraat in Schie...

Wetenschappelijke onderzoeken
Evaluatie Landelij...
Artikelen

Website Mentoring ...Handreiking mentor...Coaches en mentore...
-
-
‘Jongeren krijgen soms liever begeleiding van een vrijwilliger dan een professional’

Inleiding
“Het feit dat mentoren in een mentorproject vrijwilligers zijn in plaats van professionele hulpverleners is een van de succesfactoren van de methodiek” zegt Omar Ramadan, senior adviseur van adviesbureau Radar en projectleider van het mentorproject Goal! in Amsterdam. Goal! is bestemd voor jongeren tussen de 12 en de 23 jaar van wie de binding met werk en school beter kan. Ze spijbelen veel, zijn gestopt met school of hebben geen baan. “Deze jongeren hebben vaak op jonge leeftijd al een heleboel hulpverleners of andere professionals zoals docenten, zorgcoördinatoren en jongerenwerkers meegemaakt. Bij Goal! krijgen de jongeren begeleiders die niet coachen omdat het hun baan is, maar ze doen het met een andere motivatie. Ze geven een deel van hun vrije tijd op om een jongere verder te helpen. Jongeren hebben hier respect voor.” Goal! is het grootste mentorproject in Nederland en heeft in totaal al 2.200 jongeren aan een mentor gekoppeld. De autonomie van het mentorkoppel, de goede training, screening en begeleiding van de mentoren en de samenwerking met veel verschillende instellingen uit ‘het veld’, maken dat Goal! zo succesvol is.
Beschrijving
Goal!
Een mentor en een jongere worden voor een jaar aan elkaar gekoppeld en zien elkaar minimaal een uur per week. De mentor krijgt een training van twee dagen waarna een passende jongere bij hem of haar gezocht wordt. Docenten en jeugdwerkers melden de jongere voor het mentorproject aan. Zij zullen in het mentortraject vervolgens de rol van mentorbegeleider op zich nemen. Voorwaarde voor het aanmelden van een jongere is wel dat hij of zij dit zelf ook wilt. “Ze moeten er niet aan de haren bij worden gesleept. Soms worden er toch nog wel jongeren aangemeld die eigenlijk niet willen. Die haken vaak al meteen in het begin af. Dat is frustrerend voor de mentor, die voor niets komt opdagen” vertelt Omar Ramadan. De jongere mag zijn voorkeur voor een bepaalde mentor uitspreken en ook de mentorbegeleider laat zijn voorkeur blijken. Radar voert het project uit in opdracht van de gemeente Amsterdam, die het project ook financiert. De methode is in samenspraak tussen de twee partijen in 2004 opgezet. Inmiddels zijn er al rond de veertig instellingen bij het project betrokken.
Succesfactoren
Zoals eerder genoemd is het feit dat de mentoren als vrijwilliger zich voor de jongeren inzetten een succesfactor. Verder draagt de autonomie van het koppel volgens Ramadan bij aan het succes van het project. “De coach en de jongere bepalen voor een groot deel wanneer ze elkaar zien, waar ze elkaar zien en aan welke doelen ze werken. Als het maar een beetje past in een breder kader. Het moet ongeveer een jaar duren, ze moeten elkaar ongeveer een keer per week zien en het moet uiteindelijk over werk en school gaan. Maar of ze nou de ene week een recreatief uitje hebben, huiswerk gaan maken, op zoek gaan naar een bijbaan of dat ze denken, de passie ligt meer bij muziek en we gaan is kijken of er niet een band is waar die jongen kan meespelen, dat bepalen ze met zijn tweeën. Die autonomie is een tweede succesfactor.” Vergeleken met andere mentorprojecten valt het op dat Goal! veel grootschaliger is en breder uitgezet is. Ramadan legt uit: “We richten ons niet alleen maar op jongeren uit het onderwijs, maar ook uit de jeugdzorg, het jongerenwerk en de arbeidsmarkttoeleiding. We werken met het veld, met scholen, jeugdzorg, jongerencentra. Goal! is dus niet alleen een project van de gemeente Amsterdam of Radar, wij zijn dan wel de projectleider, maar we werken samen met alle relevante instellingen in Amsterdam op dit gebied. Je ziet bij andere mentorprojecten vaak dat één instelling het project leidt, en ook de mentoren en jongeren begeleidt. Bij Goal! gebeurt die begeleiding door de docent, jongerenwerker of andere professional die de jongere al kent.”
De jongeren
Het project is onder sommige jongeren erg populair. “Er zijn scholen waar de jongeren het stoer vinden dat ze een eigen coach hebben. Dan willen opeens alle klasgenoten een mentor. In het algemeen zijn het echter jongeren die moeilijk te motiveren zijn en waarmee te weinig wordt bereikt in reguliere trajecten van professionals. Het leeuwendeel, meer dan driekwart van de jongeren, zit het traject ook uit.” Wat het effect is van het mentorjaar op de jongere wordt door een onderzoeksbureau gemonitord. Er wordt dan gekeken of de situatie van de jongere is verbeterd. Soms zijn de effecten heel concreet. “Dan hebben jongeren samen met hun mentor een baan gevonden, zijn ze weer terug naar school gegaan of zijn hun schoolprestaties in het jaar aanzienlijk verbeterd.” Maar volgens Ramadan kan het ook veel abstracter zijn. “Om die onderwijsprestaties te verbeteren moet het zelfbeeld verbeteren of moet de ruzie met de ouders worden bijgelegd. Wanneer dankzij het mentorproject het zelfvertrouwen groter is geworden of andere obstakels voor het activeren van de jongere zijn verdwenen, is dat ook een goed resultaat. Het brengt jongeren dan in ieder geval dichterbij het vinden van een baan of het teruggaan naar school.” Ook de populariteit van het project onder instellingen geeft blijk van haar succes. “Instellingen die soms projecten moe zijn doen toch mee aan dit traject. Meedoen betekent niet alleen maar dat ze jongeren aanmelden maar dat ze ook daadwerkelijk mentoren begeleiden, en matchgesprekken organiseren, dus eigenlijk dat ze veel werk verrichten”
De koppels
De matches worden gemaakt op basis van de wensen van de jongeren zelf, die van de mentorbegeleider, van de mentor en de indruk die de trainer van de mentor heeft. Zo wordt een irrealistische wens van jongeren ten aanzien van hun mentoren gecorrigeerd. “Er zijn natuurlijk knapen die zeggen ‘doe mij maar een relaxte mentor die niet veel ouder is dan ik’, dan kunnen de mentorbegeleiders (docenten, jongerenwerkers, etc.) denken; ‘nou volgens mij heb jij meer behoefte aan een disciplinerende mentor, dus niet een relaxte.’” Tijdens de tweedaagse training van Radar zien de trainers welke mentor een moeilijkere jongere aankan en bij wie beter een wat lichtere past. Op basis van deze informatie vormt Radar de koppels.
Bijna 89 procent van de jongeren in Goal! is allochtoon, “dat wil zeggen dat een of beide ouders uit het buitenland komen. De jongeren zelf zijn vaak gewoon in Amsterdam geboren en getogen, maar hun ouders komen vaak uit Turkije Marokko Suriname of de Nederlandse Antillen.” Het merendeel van de mentoren is autochtoon. Toch heeft Goal!, vergeleken met andere vrijwilligersorganisaties, relatief veel allochtone mentoren. Eén op de zes is allochtoon. De mentoren zijn vaak hoogopgeleid, maar verder erg divers. “Qua leeftijd variëren de mentoren van studenten tot gepensioneerden, van dertigers met hun eigen bedrijf tot huismoeders wiens kinderen het huis uit zijn.”
Knelpunten
Een knelpunt is dat er soms toch jongeren worden aangemeld die niet gemotiveerd zijn. “Dit is vervelend, maar aan de andere kant is het ook een teken dat we de juiste doelgroep bereiken. Want als het allemaal modelkinderen zouden zijn die een kwartier van tevoren op de mentor stonden te wachten zou dat ook raar zijn”, zo stelt Ramadan.De groep niet-gemotiveerde jongeren haakt snel af, maar deze groep is relatief klein, het gaat om minder dan een kwart van de deelnemers. Een ander knelpunt is het geld. “Zo’n project kost toch ook een hoop geld. Mentoren krijgen een onkostenvergoeding, ze worden getraind en de mentorbegeleiders moeten allemaal betaald worden. Het is dus niet gratis. Het kost soms wel duizend euro per traject. Dus het idee dat het gratis is omdat het allemaal vrijwilligers zijn, dat is niet zo.”
Ook een mentorproject?
Radar heeft een heleboel tips en vakkuilen verzameld die gemeenten kunnen meenemen bij het opzetten van een succesvol mentorproject. Voor meer informatie kunt u contact opnemen met Omar Ramadan
Documenttype
nieuws
Thema's
Onderwijs
Trefwoorden
Mentoring
 


 dot
© 2007 Nicis Institute-colofon-disclaimer-privacydotRSS feed