48-uursservice-nieuwsbrief-webwinkel-Perskamer
 
Trefwoord
dot
dot
Zoekenleeg
logo NICIS
home > thema's en dossiers > Integratie > Integratie algemeen > Jaarrapport Integratie ...
logo NICIS
Print paginaContactSitemap
-
  • thema's en dossiers
  • actueel
  • bijeenkomsten
  • parels van integratie
  • kennisprogramma's
  • contact
  • over KIEM
-
-
-
Praktijkvoorbeelden

Dordrecht eerste g...Radio helpt Ghanez...Oprichten Integrat...meer
Uitvoering integra...Effectief integrat...

Wetenschappelijke onderzoeken
Rotterdamse alloch...Het integratiebele...Kwart van de Amste...meer
SCP: Integratie va...Integratie van all...Integratiekaart 20...Wethouders Integra...Marokkanen in Nede...Schatting aantal n...RMO advies: van ee...

Artikelen

Handreiking helpt ...Wetsvoorstel inzak...Integratiemonitor:...meer
Jaarnota Integrati...Gewoon doen! Aanbe...Integratiewijzer G...Handreiking kernbe...Integratie en burg...Integratiekaart 20...Jaarnota Integrati...

-
-
Jaarrapport Integratie 2005
0

Inleiding
Op verzoek van de minister voor Vreemdelingenzaken en Integratie is het Jaarrapport Integratie 2005 tot stand gekomen. Dit rapport beschrijft de positie van etnische minderheden in Nederland en de ontwikkelingen die hierin de afgelopen jaren hebben plaatsgevonden. De onderwerpen die aan bod komen sluiten nauw aan op de beleidsprioriteiten van het kabinet.
Probleemstelling
Wat is de positie van allochtone groepen in de Nederlandse samenleving?
Beschrijving
De publicatie is een gezamenlijk product van het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP), het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) en het Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum (WODC). Ze vervangt de CBS-publicatie Allochtonen in Nederland, de Rapportage Minderheden van het SCP en de Integratiemonitor van het Instituut voor Sociologisch-Economisch Onderzoek.
Conclusies
• De mate van integratie verschilt per allochtone groep. Door de uiteenlopende integratiepatronen verschillen de toekomstperspectieven van de allochtone groepen.
• Het aandeel niet-Westerse bevolkingsgroepen in de totale bevolking neemt nog steeds toe. Het grootste deel van de immigratie is huwelijksmigratie.
• Relaties en gezinsgrootte onder allochtonen lijken in toenemende mate op die van autochtonen.
• Van het aantal deelnemende nieuwkomers rondt 90% een inburgeringstraject af. Hierna is het taalniveau van velen echter onvoldoende voor een vervolgtraject. 
• Slechts 8% van de oudkomers neemt deel aan een inburgeringstraject, de uitval is hoog en het bereikte taalniveau lager dan bij nieuwkomers.
• Allochtone groepen zijn nog steeds lager opgeleid dan autochtonen. Taalachterstand en uitval zijn de grootste problemen. Allochtonen die hun diploma behalen zetten vaker dan autochtonen hun opleiding voort op het hoogste niveau. Vooral het aandeel van allochtone vrouwen stijgt hierin snel.
• In 2004 had 48% van de niet-westerse allochtone beroepsbevolking een baan, tegenover 67% van de autochtone bevolking. De werkeloosheid onder allochtonen is sinds 2001 sterker gegroeid dan onder autochtonen. Een kwart van de allochtone beroepsbevolking is afhankelijk van een uitkering.
• Het aantal middel- en hoogopgeleide allochtone werknemers is sterk toegenomen.
• Van Turkse en Marokkaanse allochtone groepen gaat respectievelijk tweederde en de helft alleen om met personen uit de eigen groep.
• Opvattingen over de rolverdeling tussen man en vrouw lopen uiteen per allochtone groep, maar zijn in de jaatste jaren nauwelijks veranderd. Marokanen hechten de meeste waarde aan religie en onder de islamitische allochtonen zijn vrouwen meer orthodox dan mannen.
• Wijken waar veel allochtonen wonen, zijn minder veilig en de leefbaarheid is lager dan in wijken met overwegend autochtone inwoners. Allochtone jongeren vormen, mede als gevolg van een vaak slechte sociaal-economische positie, een kwetsbare groep voor crimineel gedrag. Vooral Marokkaanse en Antilliaanse jongens van de eerste generatie zijn vaker betrokken bij criminaliteit dan autochtone jongeren.
• De helft van de autochtone maar ook van de Turkse en Marokkaanse bevolkingsgroep vindt dat de westerse leefwijze niet samengaat met die van moslims. Sinds begin jaren negentig oordeelt een fors deel van de Nederlandse bevolking negatief over de aanwezigheid van allochtonen. Voornamelijk de hoogopgeleide Nederlandse moslims zijn bezorgd over het maatschappelijke klimaat.
Contactgegevens
Sociaal en Cultureel Planbureau
Postbus 16164
2500 BD Den Haag
Tel: 0703407000
Fax: 0703407044
info@viaweb.SCP.NL
Datum uitgave
22/09/2005
Gegevens publicatie
ISBN: 90 377 0237 6

Links
Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum (WODC) Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS)

Bestanden
Het jaarrapport (PDF, 4MB)

Documenttype
onderzoek
Thema's
Integratie
Trefwoorden
Integratie algemeen
 


 dot
© 2007 Nicis Institute-colofon-disclaimer-privacydotRSS feed