48-uursservice-nieuwsbrief-webwinkel-Perskamer
 
Trefwoord
dot
dot
Zoekenleeg
logo NICIS
home > thema's en dossiers > Integratie > Integratie algemeen > Ethnic-cultural and soc...
logo NICIS
Print paginaContactSitemap
-
  • thema's en dossiers
  • actueel
  • bijeenkomsten
  • parels van integratie
  • kennisprogramma's
  • contact
  • over KIEM
-
-
-
Praktijkvoorbeelden

Dordrecht eerste g...Radio helpt Ghanez...Oprichten Integrat...meer
Uitvoering integra...Effectief integrat...

Wetenschappelijke onderzoeken
Rotterdamse alloch...Het integratiebele...Kwart van de Amste...meer
SCP: Integratie va...Integratie van all...Integratiekaart 20...Wethouders Integra...Marokkanen in Nede...Schatting aantal n...RMO advies: van ee...

Artikelen

Handreiking helpt ...Den Helder evaluee...Wetsvoorstel inzak...meer
Integratiemonitor:...Jaarnota Integrati...Gewoon doen! Aanbe...Integratiewijzer G...Handreiking kernbe...Integratie en burg...Integratiekaart 20...

-
-
Cultural and economic integration in the Netherlands
0

Inleiding
Dit onderzoek gaat over de invloed van etnisch-culturele factoren op de maatschappelijke positie van etnische minderheden. Het onderzoek heeft betrekking op de vier grootste minderheden, de Turken, Marokkanen, Surinamers en Antillianen/Arubanen. Er is ingegaan op hun etnisch-culturele positie en op hun sociaal-economische prestaties.
Probleemstelling
Zijn etnische minderheden die nadrukkelijk in een samenleving wensen te integreren, of zelfs te assimileren, sociaal en economisch beter af dan groepen die niet kiezen voor een dergelijke aansluiting?
Conclusies
• De etnisch-culturele positie laat duidelijke verschillen zien tussen de Caribische en Mediterrane groepen. Het acculturatieproces onder de Turkse en Marokkaanse groepen is minder ver gevorderd dan onder Surinamers en Antillianen/Arubanen.
• Het blijkt dat voor de Mediterrane groepen de betekenis van etnisch-culturele factoren belangrijker is dan voor de Caribische groepen.
• Voor de groepen waarvoor de culturele en sociale kloof met de Nederlandse samenleving het grootst is, blijkt een grotere mate van integratie in de Nederlandse maatschappij een positieve invloed te hebben op hun maatschappelijke positie.
• De betekenis van etnische herkomst voor de eerst generatie is veel belangrijker dan voor de tweede generatie. De tweede generatie is eerder en verder in de samenleving geïntegreerd. Zij ziet zich in veel mindere mate gesteld voor etnisch-culturele obstakels ten aanzien van hun maatschappelijke positie.
• Wat in deze studie naar voren komt, is dat de opleiding erg belangrijk is om het functieniveau te verklaren. Voor de Mediterrane groep wijst deze relatie op een geringe opwaartse mobiliteit.
• De rol van sociale contacten met de autochtone bevolking draagt nauwelijks bij tot een beter begrip van het functieniveau.
• De contacten van lager opgeleide Mediterranen met autochtonen in dit verband is nauwelijks functioneel. De autochtonen met wie contact wordt aangegaan, hebben veelal een vergelijkbaar laag opleidingsniveau genoten, waardoor de mogelijkheden voor sociale stijging achterwege blijven.
• Voor de Surinamers en Antillianen/Arubanen is het effect van sociale netwerken groter. Voor deze groep levert het contact met autochtone Nederlanders wel iets op.
• Scholing vormt een dominante verklaring voor het bereikte functieniveau van Surinaamse en Antilliaanse minderheden in ons land.
• De etnische herkomst draagt in afnemende mate bij aan een verklaring van de sociaal-economische positie van etnische minderheden.
Contactgegevens
Institute for Sociological and Economic Research
Datum uitgave
01/01/2002
Gegevens publicatie
Auteur: Odé, A.

Links
De publicatie is te bestellen bij uitgeverij Van Gorcum

Documenttype
onderzoek
Thema's
Integratie
Trefwoorden
Integratie algemeen
 


 dot
© 2007 Nicis Institute-colofon-disclaimer-privacydotRSS feed