Kennisatelier Religie in de stedelijke praktijk: kansen en risico's 21-09-2005 Inleiding Het Kennisnet Integratiebeleid en Etnische Minderheden (KIEM) organiseert drie kennisateliers over religie en cultuur. Wat moet, kan en wil de gemeentelijke bestuurder en beleidsmaker hiermee? In deze bijeenkomst werd een link gelegd tussen de theoretische vraagstukken en de dagelijkse praktijk. Beschrijving Inleiding Gabriel van den Brink (lector Veiligheidszorg aan de Politieacademie en onderzoeker aan het Nederlands Instituut voor Zorg en Welzijn, NIZW) Gastspreker Van den Brink heeft recentelijk in Rotterdam onderzoek verricht naar zeven religies. Op basis van zijn bevindingen geeft hij een presentatie over de rol van religie in de dagelijkse praktijk. Van den Brink constateert dat, ondanks vele initiatieven om allochtonen te integreren in de Nederlandse samenleving, etnische verschillen toenemen. De culturele contrasten tussen bevolkingsgroepen in de steden groeien. Hij wijdt deze ontwikkeling aan de behoefte van mensen om zich te onderscheiden van anderen. Hiervoor wordt culturele en religieuze achtergrond in grotere mate dan voorheen aangegrepen om zich te onderscheiden. De Nederlandse welvaartstaat maakt deze afscheiding mogelijk. Van den Brink benadrukt daarnaast dat de integratie van de verschillende etnische groepen niet gelijk is. Elke groep allochtonen integreert op verschillende manieren. Problemen bij integratie van allochtonen verschillen dus ook per etnische minderheid. Om deze verschillen aan te tonen deelt Van den Brink etnische groepen in aan de hand van groepskenmerken. Hij schaalt deze in op hun orthodoxe of pragmatische houding. Deze schaal zet hij af tegenover gemeenschappelijkheid of individualisme. Uit het schema, dat tijdens de bijeenkomst is gepresenteerd, blijken een aantal verschillen tussen etnische groepen. Autochtone Nederlanders zijn het meest pragmatisch en individualistisch in de Nederlandse samenleving. Turken en Marokkanen zitten aan de andere kant van het schema. Chinezen hechten bijvoorbeeld meer waarden aan hun eigen gemeenschap, maar integreren gemakkelijker in de samenleving, omdat Chinezen een pragmatische houding aannemen. Van den Brink onderscheid twee domeinen waar etnische groepen zich kunnen onderscheiden van anderen. Dit is het publieke domein en het private domein. In de Nederlandse samenleving verschuift de publieke sfeer in toenemende mate naar een seculiere neutraliteit. In het openbaar worden religieuze symbolen steeds vaker geweerd. Om religieuze volgelingen toch de kans te geven om gezamenlijk geloof te belijden, is een tussenvorm nodig voor het publieke en private domein. Het compromis komt overeen met de historische rol van schuilkerken. Van den Brink pleit dan ook voor het herinvoeren van dit soort kerken. Hij stelt dat enerzijds geloofsbelijdenis binnen schuilkerken niet beperkt wordt tot de privé-sfeer. Anderzijds wordt geen aanstoot gegeven aan de openbare sfeer. Op deze manier blijft religie een onmiskenbaar grote zuil in de samenleving, maar vormt zij geen bedreiging voor de eenheid van de samenleving. In het spanningsveld tussen kerk en samenleving is de rol van de gemeente erg belangrijk. Religie is een bindmiddel voor de samenleving en brengt tegelijkertijd contrasten in de samenleving. Deze tegenstrijdigheid maakt vrijheid van religie omstreden. Enerzijds biedt misbruik van vrijheid van religie kansen voor extremisme. Anderzijds zijn sociale activiteiten van religieuze instellingen belangrijk voor democratie. Religieuze organisaties zijn een spil in de communicatie tussen burger en gemeente. Wat de rol van de gemeente zou kunnen zijn, komt uitgebreid aan bod in het wethoudersdebat. Wethoudersdebat In dit wethoudersdebat staat de centrale vraag van de bijeenkomst ter discussie: Wat kan de gemeente doen met religie in de praktijk, en welke rol neem je als gemeente? Deelnemers aan dit debat zijn: • Marianne van den Anker (Leefbaar Rotterdam) Wethouder gemeente Rotterdam (Veiligheid & Volksgezondheid) • Albert Kok (Christen Unie) Wethouder gemeente Lelystad (Financiën, Subsidiebeleid, Doelgroepen Lelystad) • Gon Mevis (Groen Links) Wethouder gemeente Tilburg (Sociale zaken, arbeidsmarkt, minderheden, wijkwethouder Oud Noord en Zuid) • Arco Verburg (PvdA) Wethouder gemeente Amsterdam stadsdeel De Baarsjes (Stadsdeelwerken, Urban, Economische Zaken, Grotestedenbeleid, Kunst en Milieu, Werk, Inburgering Taal, Bestuurlijke Vernieuwing) Gedurende het debat krijgt het publiek de gelegenheid om te reageren en vragen te stellen. Het debat wordt gevoerd door publiek en panel een aantal stellingen voor te leggen, die voortkomen uit de presentatie van Van den Brink. Bij elke stelling kan het publiek haar oordeel uitspreken door te stemmen met een vóór- of een tegenstem. Het debat dat hieruit voortvloeit wordt geleid door dagvoorzitter Ramadan. De stellingen die aan bod komen zijn: • Culturele integratie is belangrijker dan structurele integratie. • In diverse domeinen, waaronder religie, nemen de culturele contrasten toe. Een sterker contrast is een bedreiging voor stedelijke leefbaarheid. • Om conflicten te voorkomen moet burgerschap versterkt worden. • Praatjes vullen geen gaatjes! Diapraxis moet de plaats innemen van Dialoog. Het debat concentreert zich rond de stelling over scheiding van kerk en staat. De Rotterdamse wethouder Van den Anker hekelt de gedachte van politieke oriëntatie op basis van geloof. Zodra etnische minderheden zich op basis van hun geloof gaan verenigen in politieke partijen, krijgen we een nieuwe verzuiling in Nederland. Voor haar is een strikte scheiding tussen kerk en staat wenselijk. De vrijheid van godsdienst is een blokkade voor de integratie. Geweld dat gepleegd wordt uit naam van een godsdienst kan niet bestreden worden zolang de vrijheid van godsdienst op deze manier geïmplementeerd wordt. Wethouder Kok (Christenunie) van de gemeente Lelystad is het oneens met deze opvatting. De scheiding tussen religie en politiek hoeft niet zo drastisch te zijn zoals wethouder Van den Anker voorstelt. Religieuze instellingen zijn een belangrijke schakel in de communicatie met de bevolking. Wethouder Verburg (PvdA) in de gemeente Amsterdam experimenteert met een initiatief dat indruist tegen de schreiding tussen kerk en staat. In de wijk “De Baarsjes” heeft de gemeente samenwerking met een moskee vastgelegd in een convenant. In deze convenant zijn afspraken gemaakt wat van elkaar verwacht wordt en hoe problemen op het gebied van integratie opgelost kunnen worden. Workshop Dialoog en debat: ontmoeting of confrontatie? De workshop werd begeleid door Olga Plokhooij van Nieuwe Maan Communicatie Adviesgroep. Inhoudelijk werd zij bijgestaan door Marten Bos van Rotterdam Verkeert en Ad de Regt van de Dialooggroep. De deelnemers (gemeente of uitvoeringsorganisatie onder andere Zwolle, Stimulans, Amersfoort, Divers, Vlissingen, ROC, SPIOR en Rotterdam) kregen een inhoudelijke introductie. • Ad de Regt, Dialooggroep Utrecht/Hoograven Naar aanleiding van de aanslagen van 11 september 2001 en de moord op Theo van Gogh organiseerde de Dialooggroep Hoograven, met ondersteuning van de gemeente, discussiebijeenkomsten met bewoners uit Tolsteeg en Hoograven. Tijdens de startbijeenkomsten met vooral Marokkanen, werden acht ontmoetingsgroepen gevormd. Het doel was ontmoeting waarbij de Nederlanders te gast waren. De deelnemers leerden elkaar kennen door middel van discussies, gedeelde maaltijden en wandelingen. De bijeenkomsten hebben de dialoog tussen allochtonen, autochtonen, gelovigen en niet-gelovigen op gang gebracht met als resultaat dat er een netwerk is ontstaan dat makkelijk te activeren is. Voorwaarde is dat men van een gelijkwaardig niveau is met gelijkwaardige gesprekpartners. • Marten Bos, Rotterdam Verkeert Rotterdam Verkeert heeft een dialoog op gang gebracht waarin allochtone jongerenwerkers en homoseksuele mannen en vrouwen met respect spreken voor elkaars achtergronden over het thema homoseksualiteit in de multiculturele samenleving . Rotterdam Verkeert wil zo de integratie bevorderen van zowel allochtone jongerenwerkers als de homoseksuele mannen en vrouwen. Daarbij is een methodiek ontwikkeld, die overdraagbaar is en gebruikt kan worden in andere gemeenten in Nederland. Het doel was homoseksualiteit op de agenda te krijgen van hulpverlenende instanties en expertise bevordering. Bij de opstart van het project was het idee om ook politie en politiek erbij te betrekken, echter zij haakten af. Het bijzondere van het project is dat er een contract met de organisaties werd gesloten. De jongerenwerkers hadden een persoonlijk contact, waarin een ‘coming out’ werd verteld. Later volgde zij een trainingsprogramma. In de dialooggesprekken werd het gemeenschappelijke verkend, zoals bijvoorbeeld dat bij zowel homo’s en moslims gebruikelijk is om mannen (welkom) te zoenen. Bij de workshop Dialoog en debat waren ook ambtenaren aanwezig die betrokken waren geweest bij de organisatie bij de Islamdebatten in Rotterdam. De keuze voor debat in plaats van dialoog in Rotterdam was omdat er al een dag van de dialoog was; er moest snel een aantal dingen benoemd worden en mensen bereikt worden en de stellingen moesten zo hard mogelijk opgeschreven worden (ja of nee). In deze workshop werd na de discussie een aantal conclusies getrokken, namelijk: • Het gaat om het denken; • Verlaten van de polderpolitiek, waarom mogen we niet botsen? • Kennis over elkaar is heel belangrijk; • Gemeente wel goed als opdrachtgever, maar moet niet in de uitvoering zitten; • Om de zaak snel scherp te krijgen kan gekozen worden voor debat; • Debat leidt tot meer verbinding en respect voor de aanwezigen van die debatten; • Kern van de dialoog of debat moet zijn hoe je met elkaar om gaat; • Het niveau moet gelijkwaardig zijn. Workshop Hoe organiseer je het? Over vrijwilligerswerk en subsidiebeleid In deze workshop onder leiding van Margo Groenewoud worden twee introducties uiteen gezet. De eerste is van Miro Popovic van Civiq over vrijwilligerswerk in moskeeën. De tweede introductie is van Marie van der Werff over het initiatief Amsterdammers met Hart en Ziel. In de discussie wordt gesproken over de drie pijlers van organisatie, namelijk geld, structuur en positionering. Er worden ervaringen uitgewisseld; steden blijken in totaal verschillende ontwikkelingsfasen te zitten. Wel wordt er een algemene trend geconstateerd als het gaat om ondersteuning van projecten. Hierin wordt onderscheiden: • De zakelijkere inslag. Dit wordt veelal als 'minder' ervaren (verkapte bezuiniging), maar dat hoeft niet zo te zijn. Dingen gaan minder vanzelfsprekend, er is meer creativiteit vereist. • Initiatieven moeten in een breder verband staan. • Nadruk op zelforganiserend vermogen. Een aantal observaties die als opmerkelijk worden ervaren of veel vragen oproepen zijn: • Moeten dingen altijd veel geld kosten? Je ziet bij moskeeën vooral een behoefte aan contact, niet gelijk geld. Geld staat voor commitment, maar ook voor verantwoordelijkheid. • Is een adviescommissie de juiste weg? Hierover bestaan veel verschillende opvattingen. • De moskee moet niet sec als een integratie-instrument gezien worden. Hierin zit ook niet hun bestaansrecht. • De relatie tussen moskeeën en de gemeente blijft omstreden. In Amsterdam is sprake van een zeer functionele relatie. Workshop Overleg en Samenwerking Deze workshop staat onder leiding van de heer Ramadan, met een inhoudelijke inbreng van de heer Baars (Stad en Kerk) en de heer Verburg (Convenanten in de Baarsjes). In de workshop worden mogelijkheden van overleg tussen gemeenten en religieuze organisaties uiteen gezet. Deelnemers nemen deel aan de workshop door good practices uit eigen ervaring in te brengen en ze onderling te bespreken, waarbij onderstaande initiatieven aan bod komen. • Vooral bij de nazorg van rampen blijken religieuze organisaties nuttige instrumenten. Het opstellen van een rampenplan is daardoor een mooie gelegenheid om contact te leggen met diverse religieuze organisaties. • Bevordering van interreligieus contact. Door kerken en moskeeën met elkaar in contact te brengen kunnen elkaars problemen opgelost worden, bijvoorbeeld op gebied van ruimte en voorzieningen. De heer Baars noemt de contacten tussen de Christelijke kerk en de talloze migrantenkerken in Den Haag. • Interreligieuze bijeenkomsten en activiteiten. Bijeenkomsten die aanvankelijk georganiseerd werden door gemeenten om verschillende religieuze gemeenschappen bijeen te brengen, worden in toenemende mate overgenomen door particuliere en religieuze organisaties onderling. Hieruit blijkt het succes van deze initiatieven. • Centraal loket of meldpunt voor radicalisering en discriminatie. • Gemeenten kunnen religieuze organisaties benaderen om afspraken te maken om welzijn in de wijk te verbeteren. Als voorbeeld brengt de heer Verburg de convenanten in die de gemeente Amsterdam gesloten heeft met de moskee. Het voordeel van dergelijke afspraken is dat radicalisering, eerwraak en discriminatie in een vroegtijdig stadium opgemerkt kan worden. De gemeente Amsterdam heeft met de moskee een protocol opgesteld welke acties ondernomen worden zodra een individu in de religieuze gemeenschap drastische gedragsveranderingen vertoont. Een voorwaarde van dergelijke afspraken is dat zowel gemeente als moskee gebaat zijn bij het vroegtijdig opsporen van gevallen van radicalisering en discriminatie. Vanuit de deelnemers van de workshop reist de vraag hoe in protocollen vastgelegd kan worden welk gedrag hoort bij een individu die zich afscheidt van de samenleving. Niemand is gebaat bij het ontketenen van een heksenjacht. Daarom is in het protocol een helder stappenplan opgenomen hoe moskee en gemeente moeten handelen in bepaalde situaties. • Projecten in de gezondheidszorg kunnen goed gecombineerd worden met cursussen en projecten om integratie te bevorderen. In de workshop kwamen de volgende aanvullingen en kritiekpunten aan bod: • Voorafgaand aan het verzinnen van oplossingen en stimuleren van overleg en samenwerking moet worden nagegaan of je als professional ‘religie’ wel kunt begrijpen. De discussie zoals die nu plaats vindt is vooral geseculariseerd, terwijl religieuze groepen er andere visies op na houden. Deze allochtone groepen zijn ondervertegenwoordigd op de bijeenkomst. • In de bijeenkomst is te weinig aandacht voor wat de gemeenten momenteel uitvoeren, mede doordat de workshops te kort duren. Afsluiting De bijeenkomst wordt afgesloten terugkoppeling waarin plenair de inhoud per workshop met de deelnemers wordt besproken. Locatie Den Haag, Noeroel moskee terug |






